Hoe ik naar ontwikkelen kijk

Waarom lopen ontwikkelingen in Vlaanderen zo vaak vast?

Zelden op een slecht ontwerp. Meestal omdat er beslist werd voor iemand had uitgezocht waarop die beslissing steunde. De grondprijs vertrekt van een dichtheid die niemand heeft getoetst, het programma wordt samengesteld voor de juridische envelop bekend is, en de eerste schets ligt er voor er een positie is. Alles wat daarna komt, erft die aanname. Zo'n project loopt niet vast op een tekening maar op een fundament dat er nooit was — en dat blijkt pas wanneer het duur wordt: tijdens het openbaar onderzoek, of bij de weigering.

Uitgeschreven in nr 11 · Het voortraject lost niets op

Is een gedragen vooroverleg een garantie op een vergunning?

Nee. Eén bezwaarindiener volstaat om jaren te verliezen, hoe zorgvuldig het overleg ook was. In Vlaanderen weegt de kwaliteit van uw vooroverleg juridisch niet mee — anders dan in Nederland. Wie u iets anders vertelt, verkoopt zekerheid die niet bestaat. Wat een goed voortraject wél doet: tonen waar de frictie zit, vertaald naar parameters waar een ontwerper mee kan werken. Dan wordt weerstand een ontwerpopgave, of een bewuste risico-aanvaarding. Allebei beter dan een verrassing tijdens het openbaar onderzoek.

Uitgeschreven in nr 11 · Het voortraject lost niets op

Wat betekent het dat verdichten onderhandelen is?

Wie verdicht, onderhandelt — met de stad, met de buurt, met de regelgeving. Er bestaat geen recht op een bepaalde dichtheid; er is een gesprek waarin uw voorstel tegenover andere belangen komt te staan. Aan die tafel helpt een mooi ontwerp weinig. Wat helpt is een positie: een onderbouwde lezing van wat deze plek kan dragen, en waarom. Wie die niet heeft, onderhandelt niet maar vraagt. Dat verschil wordt groter naarmate er meer partijen aan tafel zitten, en in Vlaanderen zitten er elk jaar meer.

Uitgeschreven in nr 17 · Elk project een stadsontwikkelingsproject

Waarom is een ontwerp niet het eerste wat u nodig hebt?

Op een complexe site is het ontwerp de derde vraag. De eerste is wat de plek kan dragen, de tweede wat daarvan verdedigbaar is tegenover stad en buurt. Wie bij de schets begint, ontwerpt op aannames die niemand heeft getoetst — en schrapt later precies dat weg waaraan het project zijn waarde ontleende. Dat is geen pleidooi tegen ontwerp maar voor volgorde. Rekenen zonder tekenen gaat evenmin: een rekensom die ruimtelijk niet is nagegaan, staat op drijfzand.

Uitgeschreven in nr 02 · Ontwerp is niet leidend

Als uw dossier vastzit

Mijn vergunningsaanvraag is geweigerd. Wat nu?

Eerst uitzoeken waaróp ze geweigerd is, want daar hangt alles van af. Gaat het om het ontwerp, dan volstaat een aangepast ontwerp. Gaat het om het programma, dan moet de rekensom opnieuw. Gaat het om het kader eronder — de motivering waarop het project steunt — dan lost een nieuwe aanvraag niets op en betaalt u twee keer voor dezelfde fout. Die derde situatie komt het vaakst voor en wordt het minst herkend, omdat een weigering zelden opschrijft wat er werkelijk ontbrak.

Waar dit toe leidt: 02 Ontwikkelingskader

De ambtenaar die ons dossier kende is vertrokken en het gesprek begint opnieuw. Hoe voorkomen we dat?

Dat is geen pech maar de normale gang van zaken in een dossier dat drie jaar loopt. Een positief vooroverleg zit in de hoofden van wie erbij was; zodra die wisselen is er niets dan een herinnering waar niemand aan gebonden is. Wat overleeft, is wat op papier staat: welke keuze is gemaakt, waarop ze steunt, en waarom de alternatieven afvielen. Dat is geen formaliteit achteraf — het is het enige dat een bestuurswissel doorstaat.

Uitgeschreven in nr 05 · Van jungle naar spoorboekje

Hoeveel eenheden kan ik op deze site realiseren?

Dat weet u pas als iemand het heeft nagegaan, en meestal is dat nog niet gebeurd. De dichtheid in een verkoopdossier komt uit een vergelijkbaar project verderop, of uit een gesprek met iemand die het zag zitten. Ze is zelden getoetst aan wat deze site kan dragen én aan wat deze stad kan verdedigen — dat zijn twee verschillende vragen. Het verschil tussen die twee getallen zit wel in de aankoopprijs. Soms is dat een ontwerpopgave, soms een onderhandeling met de verkoper die nog kan.

Zo gedaan bij Filature Nouvelle d’Orléans, Gent

Wat is een ontwikkelingskader, en waarin verschilt het van een masterplan?

Een masterplan toont een uitkomst: zo zou het eruit kunnen zien. Een ontwikkelingskader legt vast wat er geldt en waarom — welke spelregels, op welke motivering, met welke marges. Het verschil merkt u zodra er iemand nieuw aan tafel komt. Een masterplan moet dan opnieuw verdedigd worden, want niemand weet nog waarom die vierde bouwlaag daar staat. Een kader draagt zijn argumentatie mee, zodat een volgende ontwerper, een nieuwe ambtenaar of een kandidaat-ondernemer erop kan voortbouwen in plaats van te herbeginnen.

Zo gedaan bij Filature Nouvelle d’Orléans en het Rommelaere-Instituut

Voor publieke opdrachtgevers

Wat is het verschil tussen een concurrentiegerichte dialoog en een mededingingsprocedure met onderhandeling?

Bij een mededingingsprocedure met onderhandeling onderhandelt u de voorwaarden van een antwoord dat in grote lijnen al op tafel ligt. Bij een concurrentiegerichte dialoog staat de invulling van de vraag zelf nog ter discussie: u weet wat u wil bereiken, nog niet hoe. Dat verschil bepaalt alles wat erna komt — hoeveel voorbereiding u vooraf moet doen, hoeveel ontwerpwerk u van kandidaten vraagt, en waarop u vergelijkt. De verkeerde procedure kost u ofwel voorbereiding die u niet nodig had, ofwel een dialoog zonder houvast.

Uitgeschreven in nr 19 · De blinde vlek van de concurrentiedialoog

Mogen we de buurt nog raadplegen zodra de procedure loopt?

Niet meer op dezelfde manier. Vanaf de publicatie sluiten geheimhouding en gelijke behandeling de deur naar de buurt: u kunt geen voorstellen tonen die nog niet gegund zijn, en u kunt geen voorkeur laten blijken. Alles wat u daarna over draagvlak ontdekt, ontdekt u te laat om er nog iets mee te doen. De verkenning hoort dus vóór de publicatie — een andere volgorde dan de meeste organisaties gewend zijn, en de reden dat het programma van eisen het eigenlijke werk is.

Waar dit toe leidt: 04 In de markt zetten

Ons programma van eisen is nog een wensenlijst. Hoe wordt dat een bestek?

Een programma van eisen is geen opsomming van wat u wil. Het is de vertaling van wat u heeft uitgezocht naar iets waarop een derde partij kan intekenen — en waarop u haar kunt beoordelen. Een wensenlijst levert onvergelijkbare antwoorden op: elk consortium legt andere accenten en u houdt geen grond over om te kiezen. De vertaling vraagt dat u per eis weet of ze een minimum is, een gunningscriterium of een ambitie, en wat ze ruimtelijk betekent. Die vertaling is het werk; de lijst is het gevolg.

Waar dit toe leidt: 04 In de markt zetten

Erfgoed en herbestemming

Wat is een vormfactor, en waarom strandt herbestemming erop?

De verhouding tussen de oppervlakte die u werkelijk als programma kunt gebruiken en de totale bruto vloeroppervlakte. Bij het Rommelaere-Instituut in Gent gaat het om 9.405 m² bruto, waarvan ongeveer 60 procent programma is: kantoor, wonen, hotel. De overige veertig procent is circulatie, technieken en structuur die u bij beschermd erfgoed niet mag aanraken — en die meters zitten wél volledig in de bouwkost. Een kandidaat-ondernemer die dat cijfer niet kent, rekent met bruto en ontdekt netto.

Zo gedaan bij het Rommelaere-Instituut, Gent

Hoe overtuigt u een externe partij om te investeren in erfgoed dat de eigenaar zelf niet rond krijgt?

Door de opgave om te draaien. De gebruikelijke vraag is wat de eigenaar zelf met zijn gebouw kan. Bij het Rommelaere-Instituut waren daar al grondige studies over gemaakt en stonden de kosten niet in verhouding tot het budget. De opgave werd daarmee een andere: niet wat de eigenaar ermee kan, maar wat een externe partij ermee zou willen. Dat vraagt scenario's die tot op de vierkante meter zijn doorgerekend, want een ondernemer beslist niet op een mooi plan maar op een sluitende rekensom.

Zo gedaan bij het Rommelaere-Instituut, Gent

Werken met humbble

Wat doet u niet?

Ik beloof geen vergunning; die bestaat niet als belofte. Ik neem het ontwerp niet over van een architect die al is aangesteld, tenzij u daar zelf om vraagt. Binnen een intentietoets doe ik geen terreinbezoek en geen berekeningen — daarvoor bestaat de potentiescan. En ik heb geen belang bij een bepaald volume of programma: als de uitkomst van een scan is dat u beter niet ontwikkelt, dan is dat de uitkomst. Dat maakt zo'n scan goedkoper dan het traject dat u anders was begonnen.

Meer hierover bij het traject